Close

Waarom willen we dit?

Kazachstan 25 June 2013 door Jasper
reacties

Waarom willen we dit?

Kazachstan
25 June 2013
door Jasper

“82 dollar 80.” zegt de man achter de balie. “82 dollar 80?!! Hoor je dat, lief?” roep ik verschrikt uit. Ik kijk naar Garlyn. Ze kijkt vertwijfelt terug. “82 dollar 80!” roep ik nogmaals, “Wow. Dat had ik even niet zien aankomen!” Ik ben in shock. 82 dollar 80 voor een klote stukje van dertien uur met de trein. Van Kungrad in Oezbekistan naar Beyneu in Kazachstan. En dan zijn we er nog niet. Dan zijn we net de grens over. Op het station aldaar zullen we dan een kaartje moeten kopen naar Aktau. Nog eens negen uur. Met de trein, naar de kust van de Caspische zee waar we de boot naar Azerbeijan moeten nemen. Crap, dit is echt veel duurder dan verwacht. We moeten hier even over nadenken.

Diezelfde avond loop ik met mijn iPad in mijn hand onze hotelkamer in Bukhara in. Garlyn ligt te lezen op bed. “Lief. Moet je horen,” zeg ik, “ik zit echt enorm met die reis naar Baku in mijn maag.” “Baku?” vraagt Garlyn. “Ja, Baku. Azerbeijan. Je weet wel, daar komen we met de boot vanuit Kazachstan aan.” Oja. “Ik heb de afgelopen dagen eens zitten lezen,” ga ik verder, “en echt alle verhalen zijn kut. Maar dan ook echt allemaal! Meer dan tien verhalen heb ik gelezen.” Garlyn kijkt me vragend aan. “Ja, echt bizar. Treinplaatsen die drie keer worden verkocht. Treinen die niet willen stoppen omdat anders hele massas Kazachstanen zonder kaartje op de trein springen. Maar jij kan dus ook niet mee. Vechtpartijen om treinstoelen. Niet kunnen slapen omdat je bed helemaal vol zit met mensen. En dat is slechts de treinreis.” zucht ik.

“Het is niet normaal!” ik maak me klaar om mijn bevindingen van de afgelopen dagen op te ratelen. “Alles aan de reis die voor ons ligt schijnt kut te zijn. Ik heb er de afgelopen dagen veel over gelezen en zo langzaam maar zeker zie ik er enorm tegen op. Er is daadwerkelijk waar ook niet één positief verhaal over te vinden. De treinreis is nog maar het kleinste deel. Die treinreis eindigt in Aktau. Een deprimerende olie stad waar prijzen op 100 tot 300 procent van de prijzen in Duitsland liggen. Ze hebben er niet eens straatnamen. Daar moeten we een boot pakken. Niemand weet wanneer die gaat. Er was een ticketoffice, maar die is verdwenen. Niemand schijnt je te willen helpen. De boot gaat één of twee keer per tien dagen. In ieder geval per twee weken. De enige budget accomodatie in Aktau is de koning der shitholen. Met verhalen dat mensen om vier uur ‘s nachts ineens twee dronken Kazachs extra in hun bed krijgen, op straat worden gezet omdat er ontsmet moet worden, eten en andere spullen worden gestolen, om over de hygiëne nog maar te zwijgen. Het water schijnt er langs de muren te lopen en na twee weken heb je geheid ergens een schimmelinfectie. Andere opties zijn rete duur. En je hebt geen idee hoelang je moet wachten. Het zou kunnen dat je de volgende dag de boot op kan, maar het kan ook zijn dat je lekker tien dagen mag wachten. Zeker de helft van de verhalen eindigen ermee dat de personen in kwestie in de wachtkamer van de haven gaan slapen. Bij de truckers. En dan zit je eindelijk op de boot, een boot die niet gemaakt is voor open zee. Dus met slecht weer schijnt het vreselijk te zijn. Ik heb verhalen gelezen dat er auto’s overboord sloegen. De boot is smerig en stinkendheet. En als je eenmaal in Baku aankomt, kan het zo maar zijn dat je nog een paar dagen twee kilometer uit de kust ligt te wachten tot je écht naar binnen mag!” Ik haal diep adem. “Ofwel, dat is gewoon twee weken kut!”

“Maar waarom willen we dat dan ook alweer?” vraagt Garlyn. Ik kijk haar aan. Tsja. Waarom ook alweer. “Omdat we persé alles over land willen doen? Omdat het de goedkoopste manier is?” antwoord ik. “Maar dat is dus ook niet waar.” Ik pak mijn rekenmachine erbij. “Zeker niet met treintickets van 82 dollar 80! Ik heb zitten rekenen. En de reiskosten tot we in Baku aankomen zijn 195 euro per persoon. Dat is een taxi naar Urgench vanuit Khiva. Een trein naar Kungrad. Een trein naar Beyneu. Een trein naar Aktau en dan de boot naar Baku.” Ik laat haar mijn berekening zien. “En het kost ons alleen al drie of vier dagen om in Aktau aan te komen. In het beste geval doen we een week over de reis. In het slechtste geval twee en een half.” Garlyn kijkt bedenkelijk. “Ok, dat is mooi klote.” zegt ze, “we moeten niet vergeten dat we dit wel voor de lol doen he!”

We gaan vliegend naar Baku. 2,5 uur in plaats van 2,5 week. Kosten: 207 euro per persoon.

Comment reacties
reageer zelf Reageer